Tijdelijke regeling werktijdverkorting

In verband met de kredietcrisis heeft de minister van sociale zaken eind 2008 een werktijdverkortingsregeling opengesteld voor bedrijven die met een ernstige inkomstenterugval te maken kregen. De regeling is speciaal ontworpen voor bedrijven die zich door de economische crisis bijvoorbeeld geconfronteerd zien met minder vraag of minder opdrachten, waardoor niet alle werknemers meer aan het werk kunnen blijven. Volgens deze regeling kan de werktijd van werknemers met maximaal 50% worden ingekort. Voor de uren dat niet gewerkt wordt, ontvangen deze werknemers dan een uitkering op grond van de Werkloosheidswet. Deze bijzondere regeling voor werktijdverkorting voor werknemers, de deeltijd WW, is geëindigd per eind maart 2009. Daarvoor in de plaats kwam het “Besluit deeltijd WW tot behoud van vakkrachten”. Dit besluit is in werking getreden per 1 april 2009. Per juni 2009 is dit besluit komen te vervallen.

Aanpassing besluit deeltijd WW
Per 20 juli 2009 is de tijdelijke regeling werktijdverkorting (ook wel bekend als deeltijd WW) opnieuw aangepast. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft het budget voor de regeling verruimd tot een bedrag van € 950 miljoen. Zodra dit budget aan de regeling is gespendeerd, wordt ook het aangepaste besluit ingetrokken.

Voorwaarden

Per 20 juli 2009 gelden de volgende voorwaarden voor deeltijd WW.

Indien uw bedrijf een ondernemingsraad heeft, dient deze in te stemmen met de aanvraag. Is er geen officiële ondernemingsraad, dan dient “een andere vertegenwoordiging van werknemers” of een vakbond deze instemming te geven. Het is dus vereist dat alle betrokkenen binnen een bedrijf overtuigd zijn van de noodzaak van de aanvraag. Tijdens de “deeltijd WW” dient de werkgever afspraken te maken met de ondernemingsraad of met de werknemersvertegenwoordiging over scholingsprojecten die erop gericht zijn om de werknemers in de toekomst inzetbaar te houden, of om deze inzetbaarheid te vergroten. Aan deze afspraken dient vervolgens ook daadwerkelijk invulling te worden gegeven. Afspraken dienen van te voren te worden vastgelegd in een zogenaamde afsprakenovereenkomst.

Er moet sprake zijn van een urenvermindering van minimaal 20%, maximaal 50%. De urenvermindering duurt in eerste instantie 13 weken; deze kan vervolgens maximaal 4 keer worden verlengd, steeds met 13 weken.

Voor de uren die niet gewerkt worden, ontvangen de werknemers een uitkering op grond van de werkloosheidswet. Een aantal regels uit de werkloosheidswet is niet van toepassing op werknemers in deeltijd WW. Zo hoeven de werknemers zich niet in te schrijven als werkzoekende, en hoeven zij niet te solliciteren.

Risico’s

Besluit een werkgever om een werknemer op wie de regeling “deeltijd WW” van toepassing is, tijdens de looptijd van de regeling of binnen drie maanden na afloop van de regeling te beëindigen, dan moet de werkgever de helft van de door het UWV betaalde uitkering terugbetalen aan het UWV. Van te voren dient dus goed te worden bezien, of het zin heeft deze regeling aan te vragen.

Wat kunnen wij voor u doen?

Voor werkgevers begeleiden wij het proces met betrekking tot de aanvraag van de regeling “deeltijd WW”. Goede communicatie met werknemers en met het UWV is van het grootste belang om te worden toegelaten tot de regeling.

Voor werknemers (in het bijzonder voor Ondernemingsraden of andere werknemersvertegenwoordigingen) kunnen wij helpen bij het beantwoorden van de vraag of het wenselijk is dat u instemt met een verzoek van de werkgever om de aanvraag tot toelating te doen.

Print deze pagina Print deze pagina

Nederlandse Orde van Advocaten Official partner of Erasmus School of Law