Ook slaapdienst is werktijd

De meeste zorginstellingen zijn volcontinubedrijven. Het goed inroosteren van late diensten, nachtdiensten en bereikbaarheidsdiensten is een hele klus. De verdeling van rust- en werktijd moet zorgvuldig gebeuren, met inachtneming van de wettelijke regels. Die regels zijn helaas nogal onduidelijk. Werkgevers en werknemers in de gezondheidszorg verschillen daardoor sinds jaar en dag van mening over de vraag, hoe “aanwezigheidsdiensten” (waaronder “slaapdiensten”) moeten worden aangemerkt. Is er sprake van werktijd of niet? Dat is een belangrijke vraag, want het antwoord daarop heeft consequenties op vele gebieden. Voor zorginstellingen heeft het onderwerp onder meer betekenis op het gebied van roosterplanning, budgettering en HRM-beleid. De werknemers gaat het om hun rust- en werktijden en om de hoogte van hun beloning. Dit onderwerp is dus van praktisch belang voor (vrijwel) iedereen in de gezondheidszorg.

Het Hof van Justitie EG heeft in haar arrest in de zaak tussen de stad Kiel en Norbert Jaeger (het “Jaeger-arrest”) van 9 september 2003 bepaald dat ook de slaapdienst als werktijd geldt, en dat de slaapdienst onmiddellijk na afloop moet worden gecompenseerd met rusttijd. Dit arrest van belang is voor vrijwel alle werkers in de gezondheidszorg. In dit artikel wordt bij wijze van voorbeeld ingegaan op de gevolgen voor het werk van artsen.

Arbeidstijdenrichtlijn

De Nederlandse regelgeving op het gebied van arbeids- en rusttijd moet in lijn zijn met de twee belangrijkste Europese regelingen op dit gebied: de Arbeidstijdenrichtlijn en de zogeheten “Basisrichtlijn” (die de veiligheid op het werk in meer algemene zin betreft).

In deze Europese Richtlijnen wordt arbeidstijd en rusttijd gedefinieerd. Arbeidstijd is “de tijd waarin de werknemer werkzaam is, ter beschikking van de werkgever staat en zijn werkzaamheden of functie uitoefent (…)”. Het Economisch en Sociaal Comité van de EU, dat een adviserende rol heeft in het Europese wetgevingsproces, merkte in een advies uit 1999 als “reéle” arbeidstijd (van artsen) aan: “de tijd dat een arts werkelijk in het ziekenhuis verblijft. Hieronder zou ook die tijd moeten vallen die met het volgen van cursussen of het bijwonen van wetenschappelijke bijeenkomsten tijdens normale werktijd wordt doorgebracht”. Rusttijd is volgens de Arbeidstijdenrichtlijn “de tijd die geen arbeidstijd is”.

De Richtlijnen geven ook regels voor de verhouding tussen arbeids- en rusttijd. Deze regels zijn vrij netjes in de Nederlandse wettelijke regeling opgenomen. Wel zijn die bepalingen zeer lastig leesbaar. Een overzichtelijker uitwerking in matrix-vorm is bijvoorbeeld te vinden in de Ziekenhuis-CAO.

Artsen in loondienst

De Richtlijn is onder meer toepasselijk op artsen in loondienst. Tot 2000 gold de Arbeidstijdenrichtlijn niet voor artsen in opleiding. De Richtlijn is in dat jaar gewijzigd en bepaalt inmiddels dat ook de artsen in opleiding eronder vallen. Het Arbeidstijdenbesluit bevat een specifieke regeling van de rechtspositie van de in loondienst zijnde basisartsen, arts-assistenten al dan niet in opleiding (aios (voorheen agio’s) en anios (voorheen agnio’s)), tandartsen in opleiding en verloskundigen.

Co-assistenten

Co-assistenten nemen een bijzondere positie in. Zij zijn immers niet in dienst. Toch worden zij ook op dezelfde wijze als de arts-assistenten beschermd door het Arbeidstijdenbesluit en de Arbeidstijdenwet. De Arbeidstijdenwet bepaalt namelijk dat het wettelijk systeem van de arbeidstijden ook geldt voor personen die (zonder dat er een arbeidsovereenkomst is) ter beschikking van een ander worden gesteld om werkzaamheden te verrichten die die ander gewoonlijk verricht.

Het Arbeidstijdenbesluit zondert onder meer de medisch specialisten in loondienst en tandartsen in loondienst voor een belangrijk deel van de wettelijke regeling uit (het Besluit noemt: medisch specialist, huisarts, verpleeghuisarts, sociaal geneeskundige en tandarts), onder meer wat betreft arbeids- en rusttijden. Zoals hierna zal blijken, is het echter zeer de vraag of die uitzondering houdbaar is.

SiMAP-arrest en Jaeger-arrest

Alle diensttijd is arbeidstijd. Ook als tijdens de dienst gerust wordt (slaapdienst). Het gaat er uitsluitend om of men in de zorginstelling aanwezig moet zijn. Arbeidstijd die de urennorm te boven gaat moet onmiddellijk na de dienst gecompenseerd worden, ook als tijdens de dienst gerust of geslapen werd. Afwijking bij wet, CAO of bedrijfsakkoord is niet toegestaan.

SiMAP-arrest: aanwezigheidsdienst is werktijd

De uitleg van de Europese Richtlijnen gebeurt door de rechter: het Europese Hof van Justitie EG. In oktober 2000 deed dit Hof een belangrijke uitspraak in een zaak tegen een regionaal Spaans Ministerie van Volksgezondheid, aangespannen door de Spaanse artsenvakbond SiMAP (te vergelijken met de Nederlandse Vereniging van Artsen in Loondienst LAD).

Aan het Hof was de vraag gesteld, of de tijd die een arts in de eerstelijns gezondheidszorg aan aanwezigheidsdiensten (ook wel wachtdienst of zelfs slaapdienst genoemd) besteedt, moet worden beschouwd als arbeidstijd in de zin van de Arbeidstijdenrichtlijn. Dat is het geval, aldus het Hof.

De zaak was aangespannen ten behoeve van “artsen in de eerstelijnsgezondheidszorg”. Niet aan de orde kwam of deze artsen nu specialisten (inclusief huisartsen) in loondienst waren, of basisartsen (al dan niet in opleiding). Dat in de Nederlandse wetgeving aangebrachte onderscheid zal waarschijnlijk niet van belang zijn voor de toepassing van de Richtlijnen.

Jaeger-arrest: slaapdienst is werktijd en moet met rusttijd gecompenseerd worden

Op 9 september 2003 wees het Hof van Justitie EG een arrest in een vergelijkbare zaak, ditmaal begonnen door de Duitse arts-assistent Norbert Jaeger (het eerder genoemde Jaeger-arrest). Het Hof ging voort op de in 2000 door hem ingeslagen weg en bepaalde expliciet dat de aanwezigheidsdienst zelfs als arbeidstijd moet worden aangemerkt indien er helemaal geen werkzaamheden worden verricht. Het gaat er uitsluitend om of de aanwezigheid van de werknemer vereist is. De slaapdienst moet op dezelfde wijze gevolgd worden door rusttijd als andere arbeidstijd. Nationale regelingen mogen hiervan niet afwijken. Ook afwijkende bedingen in CAO of bedrijfsakkoord zijn niet toegestaan.

In Nederland is het Jaeger-arrest door zowel werkgevers- als werknemersorganisaties als zeer vernieuwend aangemerkt, met vergaande consequenties voor de toekomst. Dat is maar ten dele juist. Eigenlijk is het Jaeger-arrest slechts een uitwerking van het op zichzelf al glasheldere SiMAP-arrest.

Ook het nog in 2002 door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ingenomen standpunt, dat het SiMAP-arrest slechts relevantie zou hebben voor Spanje, lijkt eerder ingegeven door politieke overwegingen dan voort te vloeien uit zorgvuldige lezing van dat arrest.

Jaeger-arrest: bereikbaarheidsdienst / consignatie geldt slechts als arbeidstijd voor zover er daadwerkelijk inspanningen verricht worden

Zo ruim als het Hof in het SiMAP-arrest het begrip arbeidstijd opvat als het gaat om de beschikbaarheidsdienst, zo beperkt lijkt het Hof ditzelfde begrip op te vatten voor de bereikbaarheidsdienst. In zoverre bevat het Jaeger-arrest wel nieuwe inzichten.

Het Hof kent doorslaggevende betekenis toe aan de omstandigheid dat werknemers bij bereikbaarheidsdiensten weliswaar ter beschikking van hun werkgever staan, in die zin dat zij bereikbaar moeten zijn, maar in die situatie hun tijd min of meer vrij kunnen besteden. Bij bereikbaarheidsdiensten wordt slechts als arbeidstijd aangemerkt “de tijd die is verbonden aan het werkelijk verrichten van prestaties van eerstelijnsgezondheidszorg als arbeidstijd”.

Reistijd van en naar de werkplek, na een oproep gedurende de bereikbaarheidsdienst, zal hoogstwaarschijnlijk in beginsel niet als arbeidstijd in de zin van de Arbeidstijdenrichtlijn of de Basisrichtlijn worden aangemerkt.

Informatie

Ons kantoor adviseert instellingen in de gezondheidszorg over dit onderwerp en is in staat om concrete oplossingen aan te dragen. Indien u vragen hebt over dit artikel of meer informatie wenst over uw situatie, neemt u dan contact op met onze contactpersoon.

Print deze pagina Print deze pagina

Nederlandse Orde van Advocaten Official partner of Erasmus School of Law