Ondertoezichtstelling Laura Dekker gehandhaafd

Het gerechtshof te Arnhem heeft op 4 mei 2010 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen de ondertoezichtstelling van de 14-jarige Laura Dekker, bekend geworden als het "zeilmeisje". De rechtbank in Utrecht had eerder bevolen dat Laura onder toezicht van de Raad voor de Kinderbescherming moest worden gesteld. Zowel Laura als haar vader hadden hoger beroep ingesteld tegen deze beschikking.

Het hof overweegt allereerst dat Laura niet zelfstandig in hoger beroep kan komen van de beschikking. Hoewel zij naast de Nederlandse nationaliteit ook de Nieuw-Zeelandse en de Duitse nationaliteit heeft, moet deze vraag worden beoordeeld naar Nederlands recht omdat de Nederlandse rechter bevoegd is in deze procedure. Volgens de Nederlandse wet is men vanaf het achttiende levensjaar meerderjarig; voor die tijd kan slechts geprocedeerd worden door ouders of wettelijke vertegenwoordigers. Laura zelf is daarom niet-ontvankelijk in haar hoger beroep.

Inhoudelijk (op het hoger beroep van Laura's vader) komt het hof tot het oordeel dat de ondertoezichtstelling moet worden gehandhaafd. Een solo zeilreis rond de wereld brengt volgens het hof grote en onaanvaardbare risico's met zich; het behoort tot de taak van de ouders om hun kind voor deze risico's te behoeden. Nu zowel de vader als de moeder Laura niet zullen tegenhouden om deze zeiltocht te ondernemen, zijn er in hoger beroep nog steeds gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig.

Uitspraak: Gerechtshof Arnhem 4 mei 2010, LJN BM2916

Zie ook:

Print deze pagina Print deze pagina

Nederlandse Orde van Advocaten Official partner of Erasmus School of Law