Geen verbod op uitzending beelden Holland's Got Talent

Op 21 juni 2010 heeft een deelneemster aan tv-programma Holland's Got Talent meegedaan aan een zogenoemde pre-auditie voor dat programma. Voorafgaand aan deze pre-auditie heeft zij een overeenkomst ondertekend, waarin zij de producent toestemming geeft de beelden uit te zenden. Na de pre-auditie heeft deze kandidate een e-mail ontvangen met de mededeling dat zij door was naar de volgende ronde. Deze volgende ronde vond op 29 juni 2010 plaats in het Schaffelaartheater in Barneveld.

Naar eigen zeggen van de deelneemster werd zij voorafgaand aan de tweede ronde geïnterviewd door één van de juryleden. De microfoon waarin zij tijdens dat interview moest praten, zou slecht zijn afgesteld waardoor zij niet te verstaan was. Tijdens het zingen was het volume van de microfoon echter "vol opengedraaid", waardoor haar stem "als kanonschoten uit de speakers" kwam.

Na boe-geroep uit het publiek heeft de jury haar "finaal afgebrand met denigrerende en beledigende opmerkingen". Voor de deelneemster was dit reden om de overeenkomst buitengerechtelijk te vernietigen wegens dwaling en om in kort geding te trachten uitzending van de beelden tegen te houden.

De voorzieningenrechter in Amsterdam heeft op 8 juli 2010 de vorderingen van de deelneemster afgewezen. Het had de deelneemster voldoende duidelijk moeten zijn dat zij met het ondertekenen van de overeenkomst toestemming heeft gegeven de beelden uit te zenden. De deelneemster is zelf bewust voor de televisiecamera's verschenen met als doel om op televisie te komen. Er is dus vooralsnog geen reden om aan te nemen dat er geen wilsovereenstemming was over uitzending van de opnames.

De deelneemster heeft zich verzet tegen vertoning van de ruwe opnames tijdens de zitting; daarom zijn ter zitting alleen de (voor de televisie-uitzending) gemonteerde beelden bekeken. De voorzieningenrechter is, anders dan de deelneemster, van oordeel dat de deelneemster in deze gemonteerde beelden goed verstaanbaar is tijdens het interview. Van een onjuist afgestelde microfoon lijkt geen sprake, net zo min als van de gestelde "kanonschoten". Een succesvol beroep op dwaling lijkt dan ook weinig kansrijk, aldus de voorzieningenrechter. Nu RTL en de producent hebben aangegeven uitsluitend de ter zitting vertoonde gemonteerde beelden uit te zenden, wordt de vordering van de deelneemster afgewezen.

Uitspraak: Voorzieningenrechter rechtbank Amsterdam 8 juli 2010, LJN BN0760

Zie ook:

Print deze pagina Print deze pagina

Nederlandse Orde van Advocaten Official partner of Erasmus School of Law